Haar specialisatie is de Nederlandse kunst van 1400-1700, met de nadruk op iconografie/iconologie (oftewel betekenis en functie), prentkunst en de relatie tussen Nederlandse kunst en Italië. Zij stelde een aantal prentcatalogi samen, waaronder verschillende delen van Hollstein’s Dutch and Flemish woodcuts, engravings and etchings ca. 1450-1750 (waaronder de twee delen over Maarten van Heemskerck in the New Hollstein van 1993/4) en begeleidde de wetenschappelijke uitgave van de glasramen in de Sint Jan te Gouda. Zij schreef een groot aantal artikelen en bijdragen voor internationale tentoonstellingscatalogi. Bijzondere aandacht besteedde zij aan het grafisch werk van Dirck Volkertsz Coornhert (in o.a. haar tentoonstellingscatalogus De Wereld tussen Goed en Kwaad, 1990). In 2001 publiceerde zij twee boeken over de graveursfamilie De Passe: Crispijn de Passe and his Progeny (1564-1670). A Century of Print Production en Print books by Crispijn de Passe. In 2006 verscheen haar boek Images for the eye and soul. Function and meaning in Netherlandish Prints (1450-1650), waarin de interpretatie van een groot aantal verschillende prenten centraal staat en op het beroep van de prentuitgever wordt ingegaan.
Sinds enkele jaren publiceert zij over het werk van Lucas van Leyden, o.a. in de tentoonstellingscatalogus Lucas van Leyden en de Renaissance (2011). Zij werkte recentelijk mee aan een tentoonstelling over prentuitgever Hïeronymus Cock (Leuven en Parijs 2013) en Jacob Cornelisz van Amsterdam (Alkmaar en Amsterdam 2014). Momenteel werkt zij samen met Dr. Yvonne Bleyerveld aan een catalogus van de Nederlandse 16de-eeuwse tekeningen in Teylers Museum te Haarlem, een project dat eind 2014 gereed zal zijn.
Behalve lid en voorzitter van Teylers Tweede Genootschap is zij sinds 1992 bestuurslid van de Fondation Custodia (de Collectie Frits Lugt) in Parijs.
Vanaf 1996 is zij lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. |